Herdenking Keti Koti Rotterdam 2017

De folder van Keti Koti Rotterdam 2017

Balkenende bezoekt slavernijmonument 22 februari 2017: “Wees eerlijk over wat er is gebeurd”

Impressie werkbezoek Balkenende 22 februari 2017
Tekst: Wim Reijnierse
Foto’s: Björn Plooster

In de storm en regen staat Jan Peter Balkenende voor het Rotterdamse slavernijmonument aan de Lloydkade. Hij blikt kort op naar de vier mensenfiguren hoog op het roestig ijzer; daarna snelt het gezelschap naar binnen bij het Scheepvaart en Transport College. Op uitnodiging van de Stichting Gedeeld Verleden Gezamenlijke Toekomst gaat Balkenende in gesprek over geschiedenis-en-heden, over het omgaan met onze pijnlijke geschiedenissen.

Kenneth Robinson, voorzitter van stichting GVGT, heet de ex-premier en aanwezigen welkom bij dit bijzondere gesprek. Astrid Kee, bestuurder van het STC, benadrukt in haar welkomstwoord de verantwoordelijkheid die STC voelt om kinderen in hun onbevangenheid te leren omgaan met geschiedenis. Peggy Wijntuin, gemeenteraadslid en initiatiefnemer van het slavernijmonument, memoreert dat het monument voortvloeit uit een diepgevoelde wens vanuit de (Surinaamse) gemeenschap.

Jan Peter Balkenende begint met een terugblik op zijn bekende uitspraak over “VOC mentaliteit”. In de context van het debat in 2006 appelleerde hij aan ondernemerschap en creativiteit. De herinnering aan de VOC bleek een nationale open zenuw: mensen die het pertinent níet of juist wél wilden hebben over de VOC, over het heden in het licht van ons verleden. Balkenende is blij met die laatste groep en legt uit waarom: elke geschiedenis, van elk volk, kent mooie en lelijke elementen. Geschiedenis is niet één waarheid maar een terugblik bestaand uit verschillende beelden en perspectieven. Goed voorbeeld is dat het historische beeld van Jan Pieterszoon Coen in de 18e en 19e eeuw eerst werd bepaald door zijn rol als machtige VOC bestuurder die het handelsmonopolie in die regio vestigde, en in de 20e eeuw werd bepaald door zijn rol als leider van de volkerenmoord op de bijna 15000 inwoners van de Banda-eilanden. Nadenkend over de jarenlange echo van de VOC-mentaliteit-uitspraak, concludeert Balkenende: “Wees eerlijk over wat er is gebeurd”. Dit is een opdracht die niet alleen voor Nederland geldt, maar voor alle landen in de wereld.

Wees eerlijk, maar hoe? Er volgt een intensief vraag-en-antwoord met de zaal, gemodereerd door Wim Reijnierse. Aanwezigen delen hun zorgen over de kwaliteit van het (geschiedenis)onderwijs, de verruwing van het maatschappelijk debat, de rol van de media, de polarisatie, discriminatie op de arbeidsmarkt, en – als gevolg van dergelijke ervaringen – een verdieping van de pijn die wordt ervaren door zwarte nederlanders.

Met meerdere (ex) politici in de zaal, zoals Marianne van den Anker, Carlos Goncalves en Peggy Wijntuin, gaat het gesprek met Balkenende ook over leiderschap. Stap 1 is erkennen van de geschiedenis wat er is gebeurd. Stap 2 is het gesprek, de dialoog, want alleen dialoog leidt tot begrip tussen groepen mensen in de samenleving, nationaal en internationaal. Balkenende heeft geen “one-size-fits-all” oplossing. Meerdere actoren moeten meehelpen om tegemoet te komen aan de behoefte aan erkenning van geleden pijn, misstanden in het verleden. Stilzwijgen is een strategie die niet meer mag voorkomen. De vraag aan de orde stellen is een begin. Aanwezigen zijn kritisch op ministers die dit onderwerp bewust bagatelliseren.

Balkenende beaamt dat politieke maar ook business leiders een voorbeeldrol vervullen. Hij roemt regeringsleiders zoals Mandela en von Weizsäcker die hun gezag hebben opgebouwd op basis van het getoonde respect voor de gevoelens van anderen. Leiderschap betekent dat je vertrekt vanuit de vraag: hoe kom je samen in het reine met een geschiedenis die is getekend door pijn. Erkenning is een eerste stap. Een stap in de richting van wat… “reparations”? Het is de vraag of juridische procedures wel altijd effectief bijdragen aan het proces van erkenning-en-in-het-reine-komen; “partijen” komen vaak verder van elkaar af te staan dan dichterbij. Hierdoor komt de vraag weer terug: wat is erkenning dan wel? Meerdere sprekers delen – in eigen woorden – hun hoop dat we in Nederland serieuzer werk maken van de erkenning; het is nu te vrijblijvend. Aan het slot bedankt Balkenende de aanwezigen voor de openhartige en inspirerende discussie. Waar GVGT mee bezig is, is belangrijk voor Rotterdam.