HET MONUMENT
Rotterdam is actief betrokken geweest bij het Nederlandse slavernijsysteem (1621-1863). Het particuliere slavenhandelshuis Coopstad & Rochussen was de op één na grootste van haar tijd. Ruim 60.000 Afrikaanse slaven werden met Rotterdamse schepen vanaf Afrika naar Suriname en de Nederlandse Antillen vervoerd.
In Rotterdam en omstreken werden gedurende de slavernij diverse producten gemaakt om de slavernij en slavenplantages draaiende te houden. Schepen vol textiel, vuurwapens, sterke drank en ander waar vertrokken vanaf hier naar West-Afrika en Centraal Afrika (Congo) waar de lading voor slaven werd ingeruild. Zij werden op de Antillen en in Suriname verkocht, waarna de schepen huiswaarts keerden met een ruim vol koffie en suiker.
Rotterdam was ook de stad waar al in 1842 129 elitevrouwen via een petitie aan de koning pleitten voor afschaffing van de slavernij. Op 1 juli 1863 schafte Nederland de slavernij af in haar koloniën Suriname en de Nederlandse Antillen. Het Slavernijmonument Rotterdam herinnert aan dat verleden en zijn hedendaagse erfenissen.
Daarnaast dragen de Kaapverdische Rotterdammers hun eigen slavernijverleden met zich mee: de Portugezen testten hun slavernijsysteem eerst uit op de Kaapverdische Eilanden, voordat ze naar Brazilië gingen.
De STC Group, voorheen Scheepvaart en Transport College, heeft het Slavernijmonument Rotterdam geadopteerd.
Voor alle Rotterdammers, omdat zij niet alleen erfgenaam zijn van het verleden, maar ook verantwoordelijkheid dragen voor de toekomst van deze stad!
HET ONTWERP
Het ontwerp, met als titel Clave, is van de hand van de Rotterdamse kunstenaar Alex da Silva. Hij vond inspiratie in dans en ontwierp slaven die zich bovenop de vorm van een schip ontpoppen als dansers op weg naar hun vrijheid. Da Silva:
‘Dans is niet alleen bevrijdend, maar brengt ook culturen samen.’
Het materiaal is van metaal ( Cortenstaal en thermisch verzinkt staa) en heeft het volgende formaat: 900 cm breed x 120 cm diep x 450 cm hoogte.