/* Facebook */
/* Facebook */

Hoe herdenk jij de afschaffing van de slavernij? – Shehera Grot

Een persoonlijk verhaal over Keti Koti. Verscheen in 2013 in het boek “Hoe diep zit de pijn?” met interviews en foto’s van Sanne van der Most. Nog te bestellen voor €10,00 via info@ketikotirotterdam.nl

Shehera Grot

‘Die onwetendheid, daar zit mijn pijn’

5 Shehera Grot

‘Ze lagen heel dicht naast elkaar, rijen hoog op elkaar gestapeld, aan elkaar vastgeketend. Eens in de week mochten ze even luchten en een stukje lopen. Naar de wc konden ze niet. Het schijnt dat je een slavenschip al van kilometers ver kon ruiken. En vlak voor ze aan wal gingen, werden ze schoongespoten en bijgevoed, want ze moesten natuurlijk wel interessant zijn voor de verkoop. De slaven die uit Afrika werden gehaald om op de Hollandse plantages in Suriname te gaan werken, hebben het verschrikkelijk gehad. Ik ben fotograaf en dit vreselijke beeld heeft mij geïnspireerd tot het maken van een kunstproject. Het werd onderdeel van de groepsexpositie Manumission, een tentoonstelling die is geïnspireerd op iconische beelden uit de slavernij.’

‘Als kind was ik al erg in het onderwerp slavernij geïnteresseerd. Ik hield er spreekbeurten over en ik wilde er alles over weten. Later ben een economische studie gaan doen en toen raakte het een beetje op de achtergrond. Pas toen ik er ook nog fotografie bij deed, kwam het thema eigenlijk weer op mijn pad. Ik merkte dat ik juist in mijn foto’s mijn gevoel kon laten zien. Ik ben altijd erg geïnteresseerd in beweegredenen van anderen. Laatst was ik bij een discussie over het slavernijverleden. Toen was er een hele boze mevrouw die perse excuses wilde van de Nederlandse koningin -toen nog- namens het hele Nederlandse volk.  Wat los je daar nou mee op, dacht ik? Die vrouw zou haar pijn moeten benoemen, zodat het inzichtelijk wordt voor anderen. De dag erna zat ik in de trein. Er zat een Nederlandse man tegenover me en ik stelde me voor hoe het zou zijn als die ineens uit het niet ‘sorry’ tegen mij zou zeggen. Dat zou raar zijn. Reden voor behoefte aan het pardon, lijkt mij erkenning. Maar erkenning zou je denk ik via een andere weg moeten krijgen. Bijvoorbeeld door het onderwerp opnemen in het curriculum op school of door de afschaffing nationaal vieren.’

‘Het creëren van begrip en bewustzijn is een belangrijke eerste stap. Vooral bij jongeren. Want er is in Rotterdam een grote groep donkere jongeren met zo’n attitude van ‘ach, wat kan mij het schelen’.  Dan zeg ik altijd: ‘weet jij wel hoe hard jouw voorouders hebben gestreden en hoe jij de boel nu verwaarloosd?’ Als onderdeel van mijn kunstproject geef ik gastlessen aan Rotterdamse jongeren van het mbo. Ik stel ze de vraag hoe lang geleden zij denken dat de trans-Atlantische slavernij heeft plaatsgevonden. De meerderheid weet niet eens wat het is. Nadat ik het heb uitgelegd, gaat er soms een lampje branden en dan zegen ze  ‘Vijftien jaar geleden?  Tachtig jaar geleden?’ Ze hebben geen idee. Ik denk dat daar vooral mijn pijn zit. De onwetendheid. Natuurlijk geloof ik wel dat er een erfenis is vanuit de slavernij, in de vorm van negatief zelfbeeld dat onbewust aan de volgende generatie wordt meegegeven. Dat kan om hele kleine dingen gaan maar het is vaak wel tekenend.’